Op deze pagina
Samen met bezoekvrijwilliger Arie lopen we door de lange gangen van de gevangenis in Krimpen aan den IJssel. De ene zware deur valt achter ons in het slot, de volgende deur zwaait open. We zijn op weg naar het re-integratiecentrum (RIC) binnen de gevangenis. Daar werkt Ferdinand, de gevangene die door Arie elke twee weken wordt bezocht. Als we het RIC binnenlopen zien we Ferdinand onmiddellijk. Met zijn ruim 60 jaar is hij een uitzondering in deze gevangenis.
Kerknieuws
In een aparte ruimte praten we verder. Arie en Ferdinand kennen elkaar sinds maart vorig jaar. Na zijn periode in het Huis van Bewaring in Alphen aan den Rijn, kwam Ferdinand in de gevangenis van Krimpen terecht. Hij zag de posters van Gevangenenzorg en besloot bezoek van een vrijwilliger te vragen. Niet omdat hij eenzaam is; hij krijgt bezoek van zijn familie en vanuit de kerk. “Arie denkt mee. En omdat hij al zolang in gevangenissen komt, kent hij de sfeer hier. Hij snapt het beter dan familie.” Ze hebben veel te bespreken. Een uur is eigenlijk te kort. Arie: “We praten over kinderen, kleinkinderen, maar ook over Ferdinands frustraties. De dingen waar hij hier tegen aanloopt.” Ferdinand vult lachend aan: “En we nemen samen het kerknieuws uit het Reformatorisch Dagblad door.”
Veel geld
Tot een jaar of 11 geleden was Ferdinand een hard werkende man. Hij was gescheiden, zijn drie kinderen woonden bij hem. Hij verdiende veel geld, alleen: niet allemaal legaal. Ferdinand had bij het bedrijf van zijn werkgever een fout in het systeem ontdekt, waardoor hij in de loop van 10 jaar ruim 3 miljoen euro naar zijn eigen rekeningen kon overschrijven. Het begon als een manier om zijn financiële problemen op te lossen, daarna kon hij niet meer stoppen, want dan zou het opvallen.
In de periode dat Ferdinand fraudeerde, was hij niet meer kerkelijk meelevend. Hij had een knop omgezet, waardoor hij kon doorgaan met frauderen. Later, toen hij weer de kerkdiensten ging bezoeken, veranderde dat en heeft hij zijn schuld mogen ervaren.
Lange voorbereidingstijd
De fraude kwam aan het licht toen hij door ziekte een periode niet kon werken. Dat is zo’n 10 jaar geleden. Ferdinand werd ontslagen, gearresteerd en moest zes weken in voorarrest. “Dat was een hele moeilijke periode, vooral ook door de vele verhoren.” Het leven ging daarna in voorlopige vrijheid verder. Ondertussen waren er de rechtszaak, het hoger beroep, de cassatie. Al met al duurde het 9 jaar voordat Ferdinand daadwerkelijk zijn straf van bijna 2 jaar moest uitzitten. “Ik heb een hele lange voorbereidingstijd gehad. Ik ben in die tijd radeloos geweest. Het was een geestelijke strijd. Maar ik heb ook kracht gekregen.”
‘Gigantisch veel post’
Hij werd bijna 2 jaar geleden thuis opgehaald door een politieteam van zo’n 6 tot 8 man. Handboeien om, en mee. Dat heeft hij als heel heftig ervaren. De hele buurt kon het zien. Zoveel politievertoon was onnodig, vindt hij. Hij heeft nog wel zijn wijkouderling kunnen bellen. “Zet het maar in het kerkblad, dat ik ben opgehaald”, adviseerde hij. “Dat had als resultaat dat ik gigantisch veel post heb gekregen: wel ongeveer 500 kaarten! Nog steeds zijn er mensen uit de kerk die trouw elke maand iets sturen.” Dat medeleven doet hem erg goed. Net zoals de bewogenheid van de gemeenteleden van de Sionskerk uit Krimpen aan den IJssel die aanwezig zijn bij de kerkdiensten in de gevangenis. “Zet dat er maar in!”
Vrijheid
“In het begin vond ik het heel lastig als de deur van mijn cel om kwart voor 5 dicht ging tot de andere morgen half 8. Je mag hier geen boeken invoeren. Ik laat meditaties uit het kerkblad van onze gemeente opsturen. Daardoor houd ik de binding met onze thuisgemeente.”
Over enkele maanden komt Ferdinand vrij. “Ik heb het er soms moeilijk mee. Ik ben mijn huis kwijt, mijn thuis, en mijn werk.” Door zijn kerkelijke gemeente wordt hij goed opgevangen. Daar heeft hij alle vertrouwen in. Hij weet van schuld, van zonde, maar ook dat er verzoening mag zijn. In dat vertrouwen gaat hij de vrijheid in.
Kerk en detentie
Een gemeentelid dat is veroordeeld vanwege een delict, of ouders die vertellen dat hun zoon of dochter in detentie zit. Het kan een schok teweegbrengen in de kerk. Zeker als ook het slachtoffer lid is van dezelfde gemeente. Gevangenenzorg Nederland biedt kerkelijke gemeentes ondersteuning en advies als zo’n aangrijpende situatie zich voordoet. Kijk hier voor meer informatie en neem gerust contact met ons op.