Het is ongeveer een jaar geleden. Josefien is in de tuin bezig, haar handen nog vol aarde. Ze heeft net het laatste klusje afgerond als de bel gaat. Nietsvermoedend doet ze open. Voor de deur staan twee agenten. “We komen voor uw man,” zegt één van hen.
Josefien wil net zeggen dat er sprake moet zijn van een vergissing, wanneer haar man achter haar verschijnt. “Het is goed,” zegt hij rustig. Even lijkt de tijd stil te staan. Als aan de grond genageld blijft ze staan. Haar blik glijdt naar haar handen, waar de aarde nog aan vastkleeft. Straks komt hun dochtertje uit school. Wat moet ze haar vertellen?
Wat volgt is een achtbaan van emoties: verbijstering, verdriet, boosheid en vooral veel onzekerheid. De wereld die zo vanzelfsprekend leek, valt in één klap uiteen. Josefien blijft achter met vragen waarop ze geen antwoord heeft. Wat heeft hij gedaan? Hoe lang zal dit duren? Hoe moet ze dit uitleggen aan hun kind?
Nu, een jaar later, zit Josefien aan de keukentafel met een vrijwilliger van Gevangenenzorg Nederland. Ze had gehoopt dat haar man inmiddels weer thuis zou zijn. Maar gisteren kreeg ze te horen dat zijn detentie nog enkele maanden langer zal duren. Die boodschap kwam hard aan. Opnieuw moet ze haar verwachtingen bijstellen. Opnieuw moet ze de moed zien te vinden om door te gaan.
Het contact met de vrijwilliger heeft in de afgelopen maanden veel voor haar betekend. “Het is zo fijn dat er iemand is die echt naar míjn verhaal kijkt,” vertelt Josefien. Niet naar de krantenkoppen. Niet naar wat anderen ervan vinden. Maar naar haar – als vrouw, als moeder, als mens.
In haar omgeving merkte Josefien dat niet iedereen wist hoe te reageren. Sommige mensen trokken zich terug. Anderen stelden vragen waar ze geen antwoord op had, of gaven goedbedoelde adviezen die vooral pijnlijk waren. Schaamte en eenzaamheid lagen op de loer. Juist daarom was het een grote stap om hulp te vragen.
De vrijwilliger bood een luisterend oor, zonder oordeel. Samen dachten ze na over hoe Josefien haar dochtertje kon vertellen wat er was gebeurd. Hoe leg je aan een kind uit dat papa voorlopig niet thuiskomt? Hoe geef je woorden aan iets wat je zelf nog nauwelijks begrijpt? Stap voor stap kreeg Josefien handvatten om het gesprek aan te gaan, op een manier die past bij de leeftijd en beleving van haar dochter.
Ook de praktische en emotionele gevolgen kwamen aan bod. De onzekerheid over de toekomst. De combinatie van werk, zorg en spanning. De teleurstelling wanneer een vrijlating wordt uitgesteld. Het helpt om die gevoelens hardop te mogen uitspreken. Om te merken dat ze er niet alleen voor staat.
“Als ik terugdenk aan die dag in de tuin, voelt het nog steeds onwerkelijk,” zegt Josefien. “Maar ik ben blij dat ik om hulp heb gevraagd.” Het contact met de vrijwilliger heeft haar geholpen om weer voorzichtig vooruit te kijken. Niet door de situatie mooier te maken dan hij is, maar door samen te zoeken naar houvast.
De weg is nog lang. Er zijn nog steeds vragen en zorgen. Maar er is ook hoop. Hoop op herstel. Hoop op een nieuw begin wanneer haar man weer thuiskomt. En tot die tijd is er iemand die met haar meeloopt – aan de keukentafel, in de stilte, en in alles wat nog komt.