“Ik ben er kapot van,” zegt Jenneke. Haar dochter (43) zit vast in een gevangenis in Turkije en is zonder eerlijk proces veroordeeld tot vijftien jaar cel wegens drugsbezit. “Niet alleen haar leven is veranderd in een hel, maar ook dat ons als familie. Haar verdriet is het mijne.”
Volgens Jenneke beseft de buitenwereld nauwelijks wat detentie in het buitenland betekent. “Mensen denken aan criminelen, maar vergeten dat het gaat om mensen met een verhaal, met familie die net zo hard meeleidt. Mijn dochter smeekt mij om alles te doen wat in mijn macht ligt, zodat ze alsnog een eerlijk proces krijgt.”
Paniek
Ze was altijd al een vrijbuiter. “Ze ging haar eigen weg, al van jongs af aan,” vertelt Jenneke. Lachend, maar ook met pijn, herinnert ze zich hoe haar dochter als peuter op een skelter verdween en kilometers verderop werd teruggevonden. “Ik was in paniek, we zochten met buren en politie.” In haar puberteit ging het moeizamer. Ze experimenteerde met softdrugs en stal soms geld. “Ik was naïef,” zegt Jenneke. “Ik dacht dat al mijn kinderen hetzelfde waren als ik.” Het leidde tot ruzies en uiteindelijk vertrok haar dochter van huis. Later kwam er weer rust en verbeterde hun band.
Groot hart
Ze leefde en werkte op verschillende plekken in het buitenland en sprak meerdere talen. In Sicilië verzorgde ze zwerfhonden en thuis hielp ze haar moeder in de tuin. Ze had ADHD en gebruikte wiet om rust te vinden. “Ze was geen doorsnee vrouw,” zegt Jenneke. “Bijzonder, gevoelig en met een groot hart.” Via een salsacursus ontmoette ze haar partner. Ze vormden samen een gezin en kregen twee dochters. In Ecuador werkten ze aan een duurzaam project: een ecodorp en de export van kleding van alpacawol. Voor dat werk reisden ze naar Brazilië en later richting Europa. Toen het contact plotseling stopte, sloeg bij Jenneke de angst toe.
Zonder proces veroordeeld
Dagenlang hoorde ze niets. Berichten kwamen niet aan, instanties konden haar niets vertellen. Uiteindelijk bleek ze te zijn opgepakt. In haar koffer werd 2,5 kilo cocaïne gevonden. “Ze zegt dat ze is ingeluisd en onschuldig is,” zegt Jenneke. “Wat ik wel weet: er is nooit onderzoek gedaan.” Zonder tolk, zonder verdediging, werd haar dochter in Turkije binnen anderhalve minuut veroordeeld. “Met handen en voeten geboeid stond ze daar. Vijftien jaar cel. Ik was kapot.”
Onmenselijke omstandigheden
Door corona kon Jenneke haar dochter niet bezoeken. Contact verloopt via brieven, die vaak niet aankomen. In de gevangenis is nauwelijks zorg: geen douche, geen sport, slecht eten en overvolle cellen. Buitenlandse gevangenen moeten alles zelf betalen. “Zo’n leven gun je niemand,” zegt Jenneke.
Toch weigert ze te breken. “Ik ben 77, maar ik moet sterk blijven. Voor mijn dochter, voor haar kinderen. Schaamte voel ik niet. Dit kan elke moeder overkomen. En het enige wat ik wil, is haar helpen. Wat het ook kost.”